A1 Початковий
Een uur te vroeg
Торкніться підкресленого слова або натисніть на нього, щоб побачити значення.
Wie is wie
- Kateryna: komt uit Oekraïne. Ze werkt drie weken in de keuken van een in Tilburg.
- Ruud: werkt ’s nachts in het verzorgingshuis. Hij is .
Tekst
Het is maandag. Thuis in de keuken staat de op . ‘Te laat!’ denkt Kateryna. Ze naar de deur.
Kateryna werkt in de keuken van een in Tilburg. Ze werkt daar drie weken. Om zeven uur maakt ze het ontbijt. Om gaat ze altijd weg.
Kateryna is vanmorgen al vroeg wakker. Ze slaapt slecht, want het werk is nieuw.
Haar is haar telefoon. De telefoon zit in haar jas. De wekker gaat nog niet. Dus kijkt ze op de klok in de keuken.
Kateryna kent nog bijna niemand in Tilburg, alleen de buurman. Hij praat over het en over de bus. Zaterdag heeft hij gezegd: ‘Het is koud vandaag. En zondag gaat de klok een uur terug.’
‘Ja, ja,’ heeft Kateryna gezegd. Ze begrijpt de buurman niet altijd. Maar ze zegt vaak ‘ja, ja’. Dat is makkelijk.
Nu rent Kateryna naar de bus. De bus is . De straat is . In de bus denkt ze: te laat, te laat.
Bij het verzorgingshuis is de deur dicht. Kateryna aan. Niemand komt. Ze belt nog een keer, maar niemand komt.
Het is koud. Haar handen zijn koud, haar voeten ook. ‘Ben ik te laat?’ denkt ze. ‘Mag ik niet meer ?’
Ze wacht en wacht. Dan gaat de deur open. Daar staat Ruud, met een koffie in zijn hand. Ruud werkt hier ’s nachts.
‘Kateryna?’ zegt hij. ‘Ik was boven. Het is zes uur. Je bent een uur te vroeg.’
Hij wijst naar de klok in de . Zes uur. Kateryna haar telefoon uit haar jas. Ook zes uur.
‘,’ zegt Ruud. ‘Zondag is de klok een uur teruggegaan. Je telefoon gaat zelf een uur terug. Een klok aan de muur gaat niet zelf terug.’
Kateryna denkt aan de buurman. Hij heeft gezegd: ‘Zondag gaat de klok een uur terug.’ Terug! Nu begrijpt ze het.
‘Kom,’ zegt Ruud. ‘Koffie? Je hebt nog een uur.’
Ze drinken koffie in de keuken. Het is stil en de koffie is warm. Al drie weken werkt Kateryna hier, elke ochtend. Nu zit ze hier, voor het eerst.
’s Avonds is Kateryna thuis. De klok in haar keuken staat op half negen. Ze zet de klok een uur terug: half acht.
In maart gaat de klok . Dan vraagt ze de buurman: ‘Wat is vooruit?’
Запитання
Hoe laat begint Kateryna met haar werk?
Відповідь
Om zeven uur. Dan maakt ze het ontbijt in het verzorgingshuis.
Waarom kijkt Kateryna op de klok in de keuken, en niet op haar telefoon?
Відповідь
Haar telefoon zit in haar jas.
Wat zegt de buurman op zaterdag?
Відповідь
‘Zondag gaat de klok een uur terug.’ Kateryna zegt ‘ja, ja’, maar ze begrijpt het niet goed.
Waarom is Kateryna een uur te vroeg?
Відповідь
Zondag is de klok een uur teruggegaan. Haar telefoon gaat zelf terug, maar de klok in haar keuken niet.
Wat doet Kateryna ’s avonds?
Відповідь
Ze zet de klok in de keuken een uur terug.
Словник
| Нідерландською | Українською |
|---|---|
| de klok | годинник |
| de klok staat op half zeven | годинник показує пів на сьому |
| half zeven | пів на сьому |
| kwart over zes | чверть на сьому |
| te laat | запізно |
| te vroeg | зарано |
| het verzorgingshuis | будинок для літніх людей |
| weggaan | іти, виходити (з дому) |
| vanmorgen | сьогодні вранці |
| de verpleger | медбрат |
| het ontbijt | сніданок |
| pas | лише, тільки |
| wakker zijn, wakker worden | не спати, прокидатися |
| al | уже |
| de wekker | будильник |
| de jas | куртка, пальто |
| thuis | вдома |
| zitten | сидіти; бути, лежати (у кишені) |
| de buurman | сусід |
| het weer | погода |
| weer | знову |
| graag | охоче, із задоволенням |
| teruggaan | йти назад; de klok gaat terug: годинник переводять назад |
| terug | назад |
| makkelijk | легкий, легко |
| rennen | бігти |
| leeg | порожній |
| dicht | зачинений |
| donker | темний |
| aanbellen | дзвонити у двері |
| niemand | ніхто |
| naar binnen | всередину |
| wachten | чекати |
| opengaan | відчинятися |
| de kop | чашка |
| ’s nachts | уночі |
| boven | нагорі |
| wijzen | вказувати (на) |
| de gang | коридор |
| uithalen | виймати, діставати |
| de wintertijd | зимовий час |
| de muur | стіна |
| zelf | сам, сама, само |
| begrijpen | розуміти |
| stil | тихий |
| voor het eerst | уперше |
| ’s avonds | увечері |
| terugzetten | переводити назад (годинник) |
| vooruit | вперед |
| vooruitgaan | йти вперед; de klok gaat vooruit: годинник переводять вперед |
Читайте далі
- Наступний текстDe deur
Інші тексти рівня A1
Оповідання
Kaart geweigerd
Фату стоїть біля каси з повним візком для свята дочки. Термінал каже: «Картку відхилено». Оповідання рівня A1 про оплату карткою.
Оповідання
Melk op zondag
Педро вже тиждень живе в селі у Фрисландії. О десятій сусідка прийде на каву, але молоко закінчилося. Оповідання рівня A1 про неділю в селі.
Граматика в цьому тексті: Дієслова з відокремлюваним префіксом розпадаються надвоє