B1
Een taalmaatje in de bibliotheek
Personages; het Taalhuis in de bibliotheek bestaat in veel gemeenten, de afspraken per bibliotheek verschillen. Staatsexamen NT2 Programma I is het examen op B1 (staatsexamensnt2.nl).
Tap or click an underlined word to see its meaning.
Wie is wie
- Hanneke: 67 jaar. Ze was vroeger juf op een basisschool en is nu vrijwilliger.
- Oksana: 41 jaar. Ze komt uit Charkiv in Oekraïne en woont met haar dochter in Zwolle.
Tekst
Elke dinsdagmiddag om twee uur zitten Hanneke en Oksana aan dezelfde tafel in de bibliotheek van Zwolle. Hanneke is 67 en was vroeger juf op een basisschool. Oksana is 41 en komt uit Charkiv, een grote stad in Oekraïne. Sinds een jaar is Hanneke het van Oksana.
Een taalmaatje is een die meestal één keer per week met iemand Nederlands praat. ‘Het is geen les,’ zegt Hanneke. ‘Oksana volgt al een taalcursus, en bij mij oefent ze wat ze in de les leert. We praten over het nieuws, over haar werk en over dingen. Soms lezen we samen een kort verhaal en praten we daarna over de mensen in dat verhaal.’
De eerste afspraak was voor allebei . Oksana had thuis een paar zinnen geoefend, maar in de bibliotheek wist ze opeens niets meer. ‘Ik zei alleen mijn naam en mijn adres, net als bij de gemeente,’ vertelt Oksana.
Hanneke had een kaart van Europa meegenomen. Op de kaart zocht Oksana eerst Zwolle en daarna Charkiv, ver in het oosten. Toen begon ze te vertellen over haar stad, haar werk en haar familie. Na een uur keken ze allebei naar de klok.
Oksana kwam in 2022 met haar dochter naar Nederland. Ze leerde snel Nederlands lezen en schrijven, maar praten vond ze moeilijk. ‘In de supermarkt en op mijn werk spreken mensen snel,’ zegt ze. ‘En ze horen meteen dat ik geen Nederlander ben, en dan gaan ze Engels met me spreken. Bij Hanneke durf ik wel fouten te maken. Ze me, maar ze lacht me nooit uit.’
Ook Hanneke de dinsdagmiddagen. ‘Na mijn miste ik het contact met mensen,’ zegt ze. ‘Nu leer ik ook veel over Oekraïne. Oksana heeft een keer voor me gekookt, een rode soep uit Oekraïne met groente en vlees. En ik dat Oksana elke week beter praat. Dat geeft me een goed gevoel.’
Hanneke helpt Oksana ook met andere dingen. Oksana's dochter moest vorig jaar naar een nieuwe school in Zwolle. Hanneke ging mee naar het eerste met de directeur van die school. Oksana kreeg ook een keer een brief van de . Hanneke las de brief en legde uit wat erin stond. ‘Zulke brieven zijn voor Nederlanders moeilijk,’ zegt Hanneke met een lach.
Wil je zelf ook een taalmaatje, of wil je vrijwilliger worden? Veel bibliotheken in Nederland hebben een . Daar kun je je , als leerling of als vrijwilliger. Meestal is de hulp van het Taalhuis gratis.
Het Taalhuis zoekt een dat bij je past. Soms helpt een andere organisatie daarbij. Daarna spreek je samen af waar en wanneer je elkaar ziet.
Oksana heeft nu een nieuw doel: het , Programma I. Dat is het staatsexamen Nederlands op niveau B1. ‘Over drie maanden doe ik examen,’ zegt ze. ‘Hanneke en ik maken nu elke week samen .’ Hanneke lacht en zegt: ‘Na het examen gaan we door, met koffie en verhalen.’
Questions
Wat is een taalmaatje?
Antwoord
Een vrijwilliger die meestal één keer per week met iemand Nederlands praat. Het is geen les.
Hoe ging de eerste afspraak van Hanneke en Oksana?
Antwoord
Het was spannend: Oksana wist opeens niets meer en zei alleen haar naam en adres. Met de kaart van Europa begon ze te vertellen, en na een uur keken ze allebei verbaasd naar de klok.
Waarom vindt Oksana praten in de supermarkt moeilijk?
Antwoord
Mensen spreken snel. En ze horen dat Oksana geen Nederlander is. Dan gaan ze Engels spreken.
Waarom durft Oksana bij Hanneke wel fouten te maken?
Antwoord
Omdat Hanneke haar nooit uitlacht. Ze verbetert haar wel.
Wat heeft Hanneke zelf aan het werk als taalmaatje?
Antwoord
Ze heeft weer contact met mensen, ze leert over Oekraïne, en ze ziet dat Oksana beter praat. Dat geeft haar een goed gevoel.
Word list
| Dutch | English |
|---|---|
| het taalmaatje | language buddy |
| het maatje | buddy |
| de bibliotheek | library |
| de juf | (female) elementary school teacher (informal) |
| de vrijwilliger | volunteer |
| de les | lesson |
| een cursus volgen | to take a course |
| oefenen | to practice |
| het nieuws | the news |
| gewoon | ordinary; just, simply |
| de afspraak | appointment, meeting |
| spannend | exciting, a bit scary |
| opeens | suddenly |
| de kaart | map |
| de gemeente | municipality, city hall |
| verbaasd | surprised |
| durven | to dare |
| de fout, fouten maken | mistake; to make mistakes |
| verbeteren | to correct |
| uitlachen | to laugh at |
| ergens veel aan hebben | to get a lot out of something |
| het pensioen | retirement, pension |
| missen | to miss |
| de borsjt | borscht |
| merken | to notice |
| het gevoel | feeling |
| het gesprek | conversation, meeting |
| de directeur | (school) principal, director |
| uitleggen | to explain |
| de Belastingdienst | the Dutch tax authority |
| zulke | such |
| zelfs | even |
| het Taalhuis | language help center at the library |
| zich aanmelden | to sign up |
| de leerling | learner, student |
| gratis | free (of charge) |
| passen bij | to suit, to match |
| afspreken | to arrange, to agree |
| het doel | goal |
| het Staatsexamen NT2 | State Exam Dutch as a Second Language |
| examen doen | to take an exam |
| het oefenexamen | practice exam |
| doorgaan | to go on, to continue |