B1 Intermediate
Het briefje in het bibliotheekboek
Tap or click an underlined word to see its meaning.
Wie is wie
- Yusuf: komt uit Syrië en woont al drie jaar in Enschede. Hij leest veel Nederlands, maar hij praat niet graag.
- De jonge vrouw met de rode : zit elke zaterdag in de bibliotheek, bij de .
- De oude man: zit elke ochtend in de bibliotheek, bij de kranten.
- De : werkt bij de van de bibliotheek.
Tekst
‘Is het einde echt zo ? Schrijf het hieronder.’ Dat stond met groen op een achter in de die Yusuf uit de bibliotheek van Enschede had geleend. Hij las het briefje drie keer, en toen pakte hij een .
Yusuf kwam uit Syrië en woonde al drie jaar in Nederland. Hij las veel Nederlandse boeken, maar praten deed hij zo weinig mogelijk, want als hij sprak, hoorde iedereen zijn . Daarom leende hij zijn boeken altijd bij de , zodat hij met niemand hoefde te praten. Schrijven durfde hij wel. Onder de vraag schreef hij: ‘Ja, maar het is een mooi boek. Waarom vindt u het zo verdrietig?’
Yusuf bracht de roman terug en keek daarna elke dag in de , hoewel je hier een boek vier weken mocht houden. Na vier weken stond het boek er weer, met een antwoord in groen potlood: ‘Omdat de man nooit meer naar huis gaat.’ Wie schreef die briefjes? Yusuf dacht dat hij het wist. Elke zaterdag zat er bij de romans een jonge vrouw met een rode . Ze schreef met een groene pen in een . Dat moest zij zijn.
studeerde Yusuf ’s ochtends in de bibliotheek. Dan zat er bij de kranten altijd een oude man die met potlood de maakte. Yusuf zei elke ochtend ‘Goedemorgen’, zo zacht dat je het bijna niet hoorde, en de man alleen. Wie elke dag een Nederlandse kruiswoordpuzzel maakte, sprak perfect Nederlands, dacht Yusuf.
De hele herfst gingen de briefjes , eerst over het boek en later over hun eigen leven. De schrijver van de briefjes had vroeger in een gewerkt en woonde alleen. Yusuf schreef over Syrië en over zijn angst om te praten: ‘Op papier hoort niemand mijn accent.’ In het volgende briefje stond: ‘Dat begrijp ik. Ik heb de boek nu twee keer gelezen.’ De boek, niet het boek! Yusuf lachte : ook Nederlanders maakten dus fouten.
Op een zaterdag in november liep Yusuf naar de jonge vrouw met de rode sjaal. ‘Sorry,’ zei hij. ‘Schrijft u de briefjes in de roman? Met groen... groen...’ Het woord ‘potlood’ was weg, en al zijn Nederlands ook.
De vrouw keek hem vriendelijk aan. ‘Welke briefjes? Ik weet niet wat u bedoelt.’ Yusuf voelde zijn gezicht rood worden en liep snel naar buiten.
Vier weken lang stond het boek niet in de kast. Daarna ging Yusuf voor het eerst naar de en liet hij de de titel op zijn telefoon zien. ‘Wie heeft deze roman nu?’ vroeg hij, en hij hoorde zijn eigen accent. Ze . ‘Dat mag ik niet zeggen. Dat is privé.’
Toen legde iemand een boek voor hem op de balie. Het was de roman, en naast Yusuf stond de oude man van de kruiswoordpuzzel. ‘De boek,’ zei hij, met een accent. ‘Er zit nog een briefje in.’ Yusuf hoorde het meteen: de boek.
De oude man heette meneer Aydın, en ze praatten een uur bij de kranten, allebei met een accent. In 1966 was hij als uit Turkije naar Enschede gekomen, om in een te werken. Zijn collega’s hadden om zijn accent gelachen, en daarom zei hij al 60 jaar zo weinig mogelijk. ‘Op papier hoort niemand het,’ zei hij. ‘Dat schreef jij ook.’
‘Volgende maand ga ik bij mijn dochter in Rotterdam wonen, dus dit was mijn laatste boek hier,’ zei meneer Aydın. Yusuf keek lang naar de roman en zei niets. Toen meneer Aydın weg was, las Yusuf het laatste briefje: ‘Het einde is verdrietig. Maar niet alleen verdrietig.’
Een week later leende Yusuf een nieuwe roman, bij de balie en niet bij de uitleenautomaat. Toen hij het boek , legde hij zelf het eerste briefje achter in de roman, met potlood geschreven: ‘Wat vindt u van het einde? Schrijf het hieronder. Fouten maken mag.’
Questions
Waarom leende Yusuf zijn boeken altijd bij de uitleenautomaat?
Antwoord
Omdat hij dan met niemand hoefde te praten. Als hij sprak, hoorde iedereen zijn accent.
Waarom dacht Yusuf dat de jonge vrouw met de rode sjaal de briefjes schreef?
Antwoord
Ze zat elke zaterdag bij de romans en schreef met een groene pen in een schrift.
Waarom moest Yusuf lachen om ‘de boek’?
Antwoord
Hij dacht dat een Nederlander deze fout had gemaakt. Ook Nederlanders maakten dus fouten.
Waarom schreef meneer Aydın briefjes en praatte hij bijna nooit?
Antwoord
Zijn collega’s in de fabriek lachten om zijn accent. Op papier hoort niemand zijn accent.
Wat deed Yusuf aan het einde anders dan aan het begin?
Antwoord
Hij leende een boek bij de balie en niet bij de uitleenautomaat. En hij schreef zelf het eerste briefje.
Word list
| Dutch | English |
|---|---|
| het briefje | note |
| de bibliotheek | library |
| de roman | novel |
| het einde | ending, end |
| verdrietig | sad |
| hieronder | below |
| het potlood | pencil |
| de pen | pen |
| lenen | to borrow |
| het accent | accent |
| de uitleenautomaat | self-service machine (at the library) |
| de kast | bookcase, cupboard |
| hoewel | although |
| de sjaal | scarf |
| het schrift | notebook |
| door de week | on weekdays |
| de krant | newspaper |
| de kruiswoordpuzzel | crossword |
| knikken | to nod |
| vast | surely |
| heen en weer | back and forth |
| de fabriek | factory |
| de angst | fear |
| de fout, fouten maken | mistake; to make mistakes |
| hardop | out loud |
| de balie | desk, counter |
| de bibliothecaresse | librarian (a woman) |
| je hoofd schudden | to shake your head |
| privé | private |
| zwaar | heavy; strong (of an accent) |
| de gastarbeider | guest worker (recruited abroad in the 1960s and 1970s) |
| de textielfabriek | textile factory |
| uithebben | to have finished (a book) |
Keep reading
- Previous textMoet je op je werk Nederlands spreken?
- Next textDe watersnood van 1953
More at B1
KNM
Thuiswerken: twee meningen
Is thuiswerken goed of slecht? Sanne werkt graag thuis, en Mehmet wil zijn team drie dagen per week op kantoor zien. Een tekst op B1 met twee meningen.
KNM
Statiegeld op blikjes en flesjes
Op blikjes en flesjes met water of frisdrank betaal je in Nederland statiegeld. Hoe werkt het, en helpt het? Een tekst op B1.
Story
Een taalmaatje in de bibliotheek
Hanneke is gepensioneerd, Oksana komt uit Oekraïne. Elke dinsdagmiddag praten ze Nederlands in de bibliotheek. Een verhaal op B1 over een taalmaatje.
Grammar in this text: The past tense